Nog nooit van Justin Currie gehoord? Troost u, wij evenmin. En ook Del Amitri, de Schotse poprockband waarmee Currie twintig jaar lang furore maakte, kan in onze contreien bezwaarlijk relevant genoemd worden. En toch is frontman Currie intussen wel al toe aan zijn tweede soloplaat. Maar ook met ‘The Great War’ zal hij niet uit de anonimiteit kunnen treden.
Wie vandaag het komen en gaan van de popgolven nauwlettend observeert en mee is met het nieuwste werk van pakweg Animal Collective, Gorillaz en These New Puritans, zal meteen merken hoe anachronistisch Curries muziek wel is. Niemand zit anno 2010 nog te wachten op deze modale, in opgeklopte emoties gedrenkte poprock.
Ambachtelijk gefabriceerd, dat is ‘The Great War’ zeker wel. Maar daar schuilt nu net het probleem. Bij Currie staat ambacht voor routine. Niet dat hij zijn nieuwe songs botweg op plaat gekwakt heeft – eerder het tegendeel is waar – maar het zijn toch vooral adjectieven als 'fantasieloos', 'voorspelbaar' en 'matig' die ons tijdens ‘The Great War’ te binnen schieten.
Curries stem heeft wat weg van de lichte rasp van Marc “Walking In Memphis” Cohn. En bij momenten hoor je ook James Blunt of Lenny Kravitz voorbijwaaien. Om maar te benadrukken dat de Schotse singer-songwriter ook vocaal gezien netjes binnen de lijntjes kleurt.
Dan stel je je bij een titel als ‘The Great War’ toch heel wat anders voor. Was de Eerste Wereldoorlog half zo klef en zeemzoeterig geweest als wat Currie op zijn tweede worp neerzet, dan zou 11 november nu geen nationale feestdag zijn. Niemand heeft schrik van Curries pluchen munitie.
Tekstueel gezien is het dan ook meermaals tenenkrullen geblazen. In het openingsnummer doet Currie – zelfverklaard atheïst – meteen God en de duivel opdraven en beklaagt hij zichzelf als een Man With Nothing To Do. Pianoballad You’ll Always Walk Alone is ook nauwelijks te harden. Je moet al diep de mythologie induiken om zo’n draak tegen het lijf te lopen.
Nog erger wordt het met The Fight To Be Human. Wie de titel al niet weerzinwekkend vindt, kan zich nog altijd overleveren aan de acht minuten durende kwelling en gegeseld worden door schaamteloos voorgedragen regels zoals “I hate the world they gave me”.
En zo gaat het maar door. Het rijke instrumentarium en de occasionele verrassende gitaarsolo werken nergens helend, ‘The Great War’ gaat roemloos ten onder en Justin Currie toont zich behalve een “man zonder iets om handen” ook een “man met weinig te bieden”. For fans only!
21 comments
Met verbazing zie ik toe hoe groot de weerstand is. Maar wat verwacht je nu dat ik doe? Dat ik een groot mea culpa sla en de plaat ineens de hemel in ga prijzen als een onbekende parel? Als een meesterlijke groeiplaat? Sorry, maar daartoe zal je mij niet kunnen verleiden. Akkoord, de negatieve recensies over deze plaat, heb ik zelf ook gemerkt, zijn zo goed als onbestaande. En wat dan nog? Is dat een reden om een heksenjacht te organiseren naar de recensent die niet helemaal meegaat in de stroom? De muziek van Justin Currie ligt mij niet. Ik blijf het pathetisch vinden. Maar ik heb tenminste de moeite genomen om mij te informeren, om mij in te leven in de fans van deze singer-songwriter. Mijn conclusie was dan ook billijk. Currie is een goede ambachtsman en heeft zin voor melodie, maar hij blijft steken in traditionele en oversentimele songs. Not my cup of tea, maar als recensent doe ik water bij de wijn. Het is trouwens pijnlijk te moeten vaststellen dat mijn talloze andere recensies, die ik steevast probeer te onderbouwen en aantrekkelijk, maar niet al te sterk te formuleren, nooit commentaren genereren. Maar o wee als je raakt aan het liefdesobject van een rabiate fan, dan zijn de rapen gaar. Je moet er rekening mee houden hoe het allemaal werkt. daMusic werkt met een vrij kleine groep zeer gemotiveerde vrijwilligers, maar dat betekent niet dat een recensie in een-twee-drie op papier staat. Het is een leuk maar tijdrovend proces. Ik vraag me af hoe talrijk de schare critici op deze pagina is, die net thuis van een dag werk , zich nog eens achter zijn bureau zet om dan nog eens een verslag van een cd te beginnen schrijven. Nogmaals, ik doe niet liever. But time is short en als een plaat slecht of matig is, dan moet dat vooral gezegd worden, al was het maar om mijn eigen morele integriteit op peil te houden. Maar goed, ik wacht erop in spanning, op al jullie uitgebreide fanrecensies! Loop maar lekker in de pas en verban al wie van mening durft verschillen. Ik besef dat deze repliek opnieuw commentaren veroorzaakt, maar ik denk dat ik nu wel genoeg stoten onder de gordel heb moeten verdragen en dat ik aan deze plaat al meer woorden heb vuilgemaakt dan ik had voorzien. Laat ons dus vooral overeenkomen dat we van mening verschillen. En wie meer wil weten, die leest de recensie maar eens aandachtig opnieuw. Zo heftig is ze zelfs niet. Ik ga ondertussen nog wat naar Springsteen luisteren... Groeten, Fabian
Nieuwe reactie inzenden