Steven Wilson Grace For Drowning

Kscope
Steven Wilson
Een soloplaat van Steven Wilson (Porcupine Tree, Blackfield, No-Man), het blijft iets wonderlijks. ‘Grace For Drowning’ is nog maar Wilsons tweede, maar net als bij ‘Insurgentes’ (2009) is de anticipatie groot en het resultaat meesterlijk. Een hoorbaar enorme platenkast en Wilsons eigengereide visie op muziek en geluid bepalen ook nu de sfeer. Die ene visie, dat ene ego, heeft ons opnieuw overdonderd.
‘Grace For Drowning’ is naar eigen zeggen Steven Wilsons grootste project ooit. En het ís ook een ambitieuze dubbelplaat. Wilson werkte er anderhalf jaar aan en een eerste solotour, die België helaas niet aandoet, staat in de steigers.
Lawaaierige drones en metal blinken deze keer uit door afwezigheid. In de plaats krijgen we nog meer fijnzinnige texturen, strijkers, close harmony, piano, (free) jazz en pijnloos experiment. Klinkt soft. Is het niet.
Neem nu het bijna tien minuten durende Remainder The Black Dog. Eens je gewoon bent aan de vijftien achtste maat, is het bukken voor de technoprog die wordt gelanceerd met een intensiteit die grenst aan die van John Zorns Electric Masada. En is dat Wilson zelf achter het orgel? Het klinkt in elk geval fantastisch. De gitaren van Steve Hackett – ja, die van Genesis – en het arsenaal blazers van Theo Travis injecteren de labyrintische song nog met extra panache.
Ook No Part Of Me, dat dauwfris en feëriek begint, gaat met een goeie scheut etnische metal de stevige toer op. Strijkers (van het London Session Orchestra) en emotioneel geladen regels als “I know that love for you was just security” verraden echter een diepgewortelde melancholie, sinds jaren een vast kenmerk in Wilsons oeuvre (zie Stop Swimming van Porcupine Tree’s ‘Stupid Dream’).
De emoties lopen nog hoger op in het meteen volgende Postcard, in essentie een pianoballad. Wilson schetst zichzelf – op de achterkant van een ansichtkaart? – in staat van depressie. Uiteindelijk geeft hij de kern van zijn pijn prijs: “I’m the one you always seem to read about / The fire inside my eyes has long gone out / There’s nothing left for me to say or do / Cause all that matters disappeared when I lost you.” Een monumentaal koor suggereert een dramatische instorting. Verstikkend mooi is dat.
Meer dan ooit spookt ook de geest van King Crimson rond in Wilsons werk. De voorbije jaren heeft hij dan ook – samen met kapitein Robert Fripp – het eerste decennium King Crimson-albums chronologisch geremasterd en geremixt. Hij dissecteerde de volledige textuur van de originele mastertapes en werd zo ingewijd in hoe men in de jaren zeventig platen maakte. Op ‘Grace For Drowning’ bereikt zijn organische stijl nieuwe hoogten.
Ook de directe invloed van Robert Fripp is voelbaar, vooral in de loodzware riffs van Sectarian en Raider II, een 23 minuten durend avontuur dat je dagenlang in je botten voelt - het sleutelstuk van de tweede schijf ook. Wilsons liefde voor Nine Inch Nails krijgt ook een uitlaatklep, namelijk op Index. Fans van Porcupine Tree vinden in deze song The Incident en Sleep Together in één.
Wilson groeit zienderogen als producer en componist. We kunnen het analyseren, we kunnen erover schrijven, maar eigenlijk moet je dit gewoon horen om het te geloven. ‘Grace For Drowning’ moet een van de meest consistente dubbelplaten uit de rockgeschiedenis zijn. Vallen de constante genrewisselingen van ‘London Calling’ je zwaar op de maag? Begint ‘The Wall’ na twee kanten toch wat te zeuren? Laat dan de moed niet zakken. Steven Wilson – één visie, één ego – bewijst dat er hoop is.

14 Oktober 2011
Fabian Desmicht

Meer over deze artiest


Aanraders