The Flaming Lips Embryonic

Warner Bros Records
The Flaming Lips
Grimmig, onvoorspelbaar, dwars en eigenzinnig. Of het nu gaat over hun liveoptredens, studioplaten of andere nevenactiviteiten, The Flaming Lips is en blijft een buitenbeentje in de hedendaagse popmuziek. En ook op hun dertiende (13de!) langspeler is dat niet anders. Gelukkig maar.
Toegegeven, na de eerste luisterbeurt van ‘Embryonic’ gooiden wij onze iPod even verdwaasd opzij. Niet dat we hadden verwacht om de opvolger van Race for the Prize, The Yeah Yeah Yeah Song, She Don’t Use Jelly of het epische Yoshimi Battles the Pink Robots pt. 1 aan te treffen. Maar toch was het even schrikken toen we vaststelden dat deze achttienkoppige trip geen enkele echt volledig afgewerkte song telt.
Wie na de soundtrack bij ‘Christmas On Mars’ (2008) gedacht had het meest duistere kantje van dit psychedelische rariteitenkabinet te hebben gehoord, is er dubbel en dik aan voor de moeite. Toch weet ‘Embryonic’ ons ruim een uur lang bij de les te houden.

Van bij de aftrap met het potige doch minimalistische Convinced of the Hex tot het manisch zweverige Watching the Planets - leve de hondsdolle kreten van Karen O’! - weten Wayne Coyne en zijn gezelschap een ijzingwekkende en mysterieuze spanning op te bouwen.

God weet aan welke chemische preparaten de heren weer hebben gezeten tijdens het composeren van songs als I Can Be a Frog. Daar duikt de Yeah Yeah Yeahs-frontvrouw trouwens opnieuw op, deze keer om een resem zoogeluiden te produceren. (Bekijk zeker en vast ook eens de clip.) Of tijdens het krankzinnige, door opzwepende spacedrones gedreven Worm Mountain.
Nog meer van die kosmische klanktapijten noteren we bij The Impulsive en het grillige instrumentale Virgo Self-Esteem Broadcast. En dan hadden we het nog niet eens over de weerbarstigheid van het apocalyptische Aquarius Sabotage.
Rustpunten in de avant-gardische chaos zijn er zelden, al solliciteert het epische If naar een plaatsje in de playlist van Duyster, net als het daaropvolgende Germini Syringes, dat zich met die dromerige baslijn even op het ontgonnen terrein van onder meer Air en Röyksopp begeeft.
‘Embryonic’ is zeker niet de meest toegankelijke plaat van The Flaming Lips. Maar easy listening is nu eenmaal een begrip dat niet terug te vinden is in Coynes woordenboek. Eens bevangen door deze bevreemdende trip, is het echter bijzonder moeilijk om zonder een serieuze cold turkey weer met beide voetjes op aarde neer te dalen. Voor ons nog een bakje paddenstoelen, en neem zelf ook iets.

The Flaming Lips speelt op maandag 9 november in de AB.

12 Oktober 2009
Kevin Vergauwen

5 comments

Yope 2 jaren 30 weken geleden
Echt leuke recensie en niets toe te voegen aan dit epistel over een uniek stelletje mafkezen die met muziek maken het leven zo leuk maken. I can be a frog is trouwens een briljante song met een hoog poetisch gehalte. En dat Karen O die van de Yeah Yeah Yeah's is maakt t xtra Blitz! Weten we ook weer.
Jacques 2 jaren 29 weken geleden
Ik moet steeds denken aan de the Butthole Surfers. Maar wat een mooie plaat is dit.
Levi / gardenofeyes.com 2 jaren 29 weken geleden
Prima recensie! Deel mij ook zo'n paddestoel voordat we de plaat nog een maal opzetten. Tot kijk in het AB, met groeten uit Tilburg - Levi
Kevin Vergauwen 2 jaren 29 weken geleden
Dank, dank! Het zal een maxipakket paddo's worden op 9 november al je dit allemaal ziet: http://www.youtube.com/watch?v=cqH2mxK9oqk
FD 2 jaren 28 weken geleden
Prachtige plaat en rake recensie. Fab

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • U mag PHP code gebruiken. Daarvoor moet u <?php ?> tags gebruiken.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

Meer over deze artiest


Aanraders