Moby De draak in het patattenveld

02 Juni 2011 - Botanique, Brussel
Moby

Vroeger was Moby gevaarlijk! Hij schreef politieke pamfletten, profileerde zich als een dissidente, christelijke veganist en maakte dance met een punkattitude. Het type dat er niet voor terugdeinst om een patattenveld te vernielen om zijn standpunt kracht bij te zetten. Maar sinds het enorme succes van 'Play' leek het erop dat hij steeds vaker plat op de buik ging voor de commercie. Anno 2011 is hij een soort cartooneske lightversie geworden van de Moby die hij ooit was.

Tijdens het kleinschalige optreden in de Botanique werd dit opnieuw op pijnlijke manier duidelijk.  Samen met zijn nieuwe cd 'Destroyed' (toch een van de betere van de laatste jaren) bracht hij ook een fotoboek uit waarin het thema eenzaamheid en isolatie achter de schermen van het tourleven de rode draad vormt. De nieuwe nummers kwamen maar mondjesmaat aan bod en in de plaats daarvan kregen we een voorspelbare greatest-hits-set. Waarom in zo'n kleine zaal komen optreden voor je grootste fans en dan een gemakzuchtige festivalset spelen?

De thematiek van  'Destroyed'  was wel degelijk voelbaar, zij het op een heel andere manier. Het platte, zielloze optreden was een uitstekende illustratie van de schizofrene relatie van Moby met zijn megasucces. Zowat alles aan de performance voelde fake aan en van het vuur dat de man vroeger dreef was niets te merken. Dat Moby een begenadigd componist en muzikant is staat buiten kijf. Waarom hij zich in godsnaam omringde met een groep die vooral op basis van hun geslacht gekozen leek was een groot raadsel.

Joy Malcolm, een zwarte soulzangeres die alle mogelijke clichés invulde, mocht het merendeel van de vocalen op zich nemen. Zolang ze zich aan het nazingen van de plaatversies hield was dat ok. De versie van Whole Lotta Love die ze naar de verdoemenis hielp met haar potsierlijke Whitney-Houston-ambities hadden we liever nooit gehoord.

Moby, op gitaar, bongo's en thankyou's, hield zich in het begin wat op de achtergrond. We konden ons niet van de indruk ontdoen dat hij het liefst van al op de achtergrond gebleven was. Veel meer dan wat druk lopen doen op het podium en doen alsof hij zichzelf nog serieus kan nemen doet hij eigenlijk niet. Het feit dat hij zijn publiek moet uitleggen wat een wahwah-pedaal is, zegt veel over zijn publiek; óf over het beeld dat Moby heeft van zijn concertbezoekers.

Afgezien van de drummer, moeten de muzikanten de samples van de plaat naspelen of in het slechtste geval doen alsof ze dat doen. Het instrument van de violiste was ofwel onhoorbaar in de mix of onherkenbaar vervormd. Je vraagt je af wat het nut is van een viool als je ze laat klinken als een synthesizer. De keren dat de viool wel als dusdanig herkenbaar was, tijdens In This World bijvoorbeeld, viel vooral op hoe zwak de violiste haar instrument beheerste. De valse viool die de strijd aanging met het gejank van de zangeres, het leverde een draak van een song op waar de grootste mantel der liefde van de hele wereld niet omheen paste.

Een doekje opgehangen tussen de twee keyboards moest het zicht op de handen van de toetseniste beperken. We kunnen niet hard maken dat het instrument niet eens aangesloten was, maar veel meer dan wat heupwiegen en playbackgewijs de toetsen aanraken deed deze mevrouw naar onze mening niet. Is het niet vreemd dat Moby die ene keer dat er iets spontaans gebeurde op het podium (een reprise van Natural Blues) zelf op een ander keyboard ging spelen in plaats van zijn toetseniste wat eenvoudige akkoorden te laten aanslaan?

Over de bassiste kunnen we kort zijn: haar opvallendste kwaliteiten waren haar zonnebril en de fluorescerende snaren op haar basgitaar. Gelukkig heeft een nummer als That's When I Reach For My Revolver niet veel subtiliteit nodig. Tekenend wel dat een van de weinige momenten dat we echt iets voelden het enige nummer was waarbij er geen bandje meeliep, en dat het nummer in kwestie een cover is (van Mission Of Burma).

Helemaal op het eind van dit twee uur durende 'optreden' waren er nog twee lichtpuntjes. Tijdens Disco Lies en Feeling So Real klonk Moby zoals we hem ons graag zouden herinneren: hard en compromisloos.  Maar het kwaad was al geschied. We geven een artiest - en zeker een waarvan we meer dan tien cd's in onze kast hebben staan - graag het voordeel van de twijfel. Maar dit was zonder meer een van de slechtste optredens die we ooit zagen.


06 Juni 2011
Kristiaan Art

Meer over deze artiest


Aanraders