Konchordat - The New Crusade
Eigen beheer
Christoph Lintermans — 22 februari 2012

De jaren tachtig blijken muzikaal helemaal terug. Het Britse Konchordat blaast de neoprog van toen nieuw leven in op hun tweede, sterke album ‘The New Crusade’.
Terwijl "ouwe" neoproggers als Pendragon tegenwoordig moderne elementen aan hun sound toevoegen, zweren Steve Cork en Stuart Martin bij het authentieke geluid zoals dat dertig jaar geleden gestalte kreeg op de eerste platen van Marillion en Pallas.
Zelfs de elektronische drums van Liam Green herinneren aan het tijdperk van de zogenaamde ‘Silver Age’, toen de progressieve rock een eerste wedergeboorte beleefde. Maar ook de Rickenbacker bas en de Taurus baspedalen zijn weer van de partij.
Ook wat verhaalstof betreft harkt Konchordat terug naar de “sword and sorcery” van bijvoorbeeld het vroege Pallas. Toch heb je nergens het gevoel dat ‘The New Crusade’ gedateerd klinkt; de productie is fris van de lever. De combinatie tussen pompeuze toetsen en uitwaaierende gitaarpartijen is zonder meer attractief, met The New Crusade en Panic Room als absolute hoogtepunten.
Het resultaat is cinema-achtige symfo die vanaf het openende titelnummer krachtige beelden oproept van kruisvaarders op een queeste naar de hemelpoort waar hun eeuwige roem wacht. Maar Heaven’s Gate en Scars Inside vertolken de ontgoocheling en de krassen op hun ziel die ze zullen oplopen. Time To Go blaast dan ook de aftocht, want het paradijs blijkt verder weg dan ooit.
Ook Martin en Cork zijn op zoek, naar een pakkende melodie die soepel laveert langs onherbergzame routes en tussen robuuste kantelen. Het zal ons benieuwen of het duo de indrukwekkende geluidsmuur ook live weet te reproduceren.
