Pottwalzer - 20:22
Elastic Stage
En toen stond de wereld stil. We spreken over de periode 2020-2022. Het C-tijdperk, weet u wel: Covid, Corona, "Carantaine" (ahum)... Zoals later zou blijken, bracht deze donkere tijd ook enkele mooie dingen voort, zoals hoop, weerstand en ook artistieke creativiteit – in de eerste fase doordat elk zichzelf respecterend artiest muzikaal moest verwoorden “hoe moeilijk het voor hen was geweest”. (Alsof dat niet voor iedereen zo was.)
Soit, Bert Jacobs nam van de gelegenheid gebruik om op zijn Lyra-8 synthesizer te gaan musiceren en minimalistische, emotioneel geladen ambientcomposities te creëren. Dat puur als uitlaatklep van de eigen gevoelens, en omdat het spitsvondig, luidruchtige drumwerk bij bands als Siska Trooper en The Strzebonsky Noizescene noodgedwongen stilviel. Muziekexperimenten in isolement, zeg maar.
Enkele jaren later kwamen die opnamen terug aan de oppervlakte en spoorden enkele bevriende muzikanten Bert “Pottwalzer” aan om zijn muziek op punt te zetten en te bundelen. Het resultaat is het tweeluik ’20-22’, waarvan de eerste plaat (‘20’) de spanning en onzekerheid van de eerste periode van de pandemie belicht en de tweede (‘22’) meer rust, ruimte en atmosfeer uitademt.
Laten we beginnen bij het begin: een periode van onrust en onzekerheid. Het leven met een onbekende, onzichtbare vijand die overal dood en verderf zaait. Ik weet niet hoe u deze periode doorworstelde, maar voor Pottwalzer blijft de onrust toch enigszins binnen de perken. Enkel de dertien minuten lange track Disturbed is immers van een expliciet ritme voorzien: een soort van stereo balanced, digitale IDM-percussie die – in combinatie met gelaagde scapes, claps en organische drones - een moderne versie van Tangerine Dream synthambient lijkt.
De onzekerheid en wanhoop van ‘20’ moet je dus vooral zoeken in de vorm van donkere, mysterieuze en soms zelfs bewust ongemakkelijk aanvoelende drones en uitgegleden tonen. En regelmatig klinken doorheen deze minimale sfeermuziek zoiets als sacrale, hoge panfluitstoten, het handelsmerk van deze lp, dat met enige verbeelding als een digitale schreeuw van onmacht klinkt.
De rust van ‘22’ mag je dan weer met een korrel zout nemen. Ook hier valt geen drumpatroon of beat te bespeuren, wat best opmerkelijk is gezien de achtergrond van Jacobs. Het gemakkelijke deel: gedurende vier tracks waarvan de eerste twee (Curiosity / Rapture) in feite samenhoren, krijg je een eindeloze rust van nonstop in elkaar glijdende tonen. Gelaagde klanken schuiven in een organische beweging in elkaar over. Soms wat sneller, soms wat trager, als over elkaar rollende golven. Het moeilijke: een track als Rapture treedt met een luidruchtige ruis expliciet naar de voorgrond, en zorgt voor tien felle, intense minuten van holle, grijze ruistonen. Het daaropvolgende Reborn voegt daar zelfs nog een soort van trotse ondertoon en hoge spooknoten aan toe in een compacte, overdonderende “more is less” formule. Rust?
We begrijpen de vraag van de entourage van Jacobs om deze muziek niet in isolement te houden. Met de omstandigheden van het ontstaan van ’20:22’ in het achterhoofd, kan je niet anders dan ontzag voelen voor deze indrukwekkende minimale composities. Optimaal genietbaar voor liefhebbers van subtiele en duistere sfeerambient. Of van iemand die dit fantastische, futuristische artwork van Jeroen Carrein kan smaken.
