Allan Muller - #WeekVanDeBelgischeMuziek26 - Wat je altijd al wilde weten...
Uiteraard konden wij niet zomaar voorbij aan de Week Van De Belgische Muziek. Dus staken wij de koppen bij elkaar en gingen we op zoek naar enkele rake vragen voor een keur aan bekende of minder bekende Belgische bands en artiesten. Klaar voor even onverwachte antwoorden?
Allan Muller, Pascal Deweze en Gino Geudens keerden vorig met Metal Molly terug naar de concertpodia, maar momenteel staan de activiteiten van de band even on hold wegens een fietsongeval van de drummer. Voor ons blikt de zanger-gitarist - die eerder ook solo, met Cabbage en met Satellite City sterk werk uitbracht - terug op wat is geweest, en vooruit naar wat nog komt…
Kan je één nummer in je catalogus aanstippen, iets waar je heel trots op bent, maar eigenlijk toch een beetje miskend is? Dat kan een B-kantje zijn, een geflopte single, een demo die nooit werd uitgebracht…
Allan Muller: Mijn soloplaat uit 2007 (Resting My Case – nvdr) was een beetje miskend, vind ik. Nochtans was het helemaal geen slecht plaatje. Annelies en Sam van And Then Came Fall zaten in de band. Het is daar dat ze elkaar trouwens leerden kennen. Mario Goossens had alles ingedrumd en het geheel is gemixt door Reinhard Vanbergen. Waarschijnlijk werd het plaatje uitgebracht in het verkeerde tijdsgewricht, want we kregen geen airplay en amper reviews. In mijn ogen verdiende het net iets meer. Can’t Stop Now is een van de singletjes uit die plaat.
Wat was jullie vreemdste optreden?
Met Metal Molly hebben we best wat vreemde optredens gehad. Bij een Hells Angels-club in Nederland bijvoorbeeld, of op een metalfestival in Londen, waar ze riepen van: “We love you! If you go away!” (lacht) Recent was Rock Teralfene een vreemde ervaring. We kwamen dezelfde dag nog van de Lokerse Feesten, waar we het Smashing Pumpkins-podium openden. Daarna moesten we door naar Teralfene. Toen we er aankwamen ging het plein uit zijn dak op een Oasis-coverband. Lastig, want eigenlijk moet je dan als headliner tegen Oasis concurreren. En ja hoor, toen we begonnen, liep het plein leeg en stond er nog vijftien man of zo te luisteren. Terwijl we enkele uren daarvoor nog voor meer dan vijfduizend man hadden gespeeld. (lacht)
Hoe zijn jullie bij jullie bandnaam uitgekomen?
Je bedoelt dan Metal Molly, waarschijnlijk? Dat is een samentreksel van Metal Baby, een nummer van Teenage Fanclub, en Molly’s Lips van The Vaselines, waarschijnlijk bekender in de versie van Nirvana.
Welke Belgische plaat van vóór je geboorte had je graag zelf gemaakt?
Ik ben al heel oud, dus moeten we een hele tijd terug, hahahaha. Ik kan eerlijk gezegd op geen enkele Belgische plaat van voor 1974 komen die ik expliciet graag zelf gemaakt zou willen hebben. Mocht ik in 1995 zijn geboren, dan koos ik ‘Worst Case Scenario’ van dEUS, omdat dat een levensveranderende plaat zou zijn geweest voor de oudere versie van mezelf.
Heb je een relikwie waar je erg aan gehecht bent (een instrument waar je iets mee hebt, een poster of een ticket van je eerste concert of een ander specifiek optreden...)?
Mijn Martin akoestische gitaar. Beste instrument dat ik ooit heb gehad.
Het zou fantastisch zijn, mocht je een selfie van de band in het repetitiekot kunnen aanleveren voor bij dit korte interview.
Een selfie van Metal Molly is moeilijk, omdat onze drummer in het ziekenhuis ligt na een ongeval…
Is er een primeur - een nieuwe plaat, een nieuwe single, een tournee... – die je nu al met ons zou willen delen?
Ik wil in het kielzog van de Metal Molly-reünie twee platen opnemen. Eentje met uitgeklede versies van vergeten songs uit mijn repertoire (‘Songs Left Behind’), en eentje met nieuw materiaal. Hopelijk komt het een en het ander nog dit jaar uit.
