BTL - Koppigheid, pure koppigheid deed ons doorgaan
Na bijna drie decennia herontdekt BTL, voorheen Beyond The Labyrinth, zichzelf. Met de rockenergie van frontman Johan Lotigiers als drijvende kracht leverde de band het album 'The Game' af, waarbij klassieke hardrock moeiteloos samengaat met een moderne, frisse sound. Bandleider Geert Fieuw liet oude bekenden terugkeren zoals toetsenist Sjoerd Bruyneel en drummer Michel Lodder, aangevuld met ervaren bassist Luc Van Lierde. De singles Midnight Madness en My Favorite Mistake gaven alvast een voorproefje van de stevige, zelfverzekerde sound van het nieuwe BTL. Tijd voor een fijn gesprek met Johan Lotigiers (de broer van Helmut Lotti) en Geert Fieuw.
De band onderging een naamsverandering. Van Beyond The Labyrinth zijn jullie naar BTL gegaan. Waarom was dit het moment voor die nieuwe identiteit?
Johan: Ik vond de oorspronkelijke naam net iets te lang om telkens opnieuw uit te spreken. De mensen struikelden er voortdurend over en toen dacht ik: waarom verkleinen we het niet gewoon naar BTL? Overal waar we kwamen, had iedereen het toch al over "de mannen van BTL". Ook in de metalwereld vonden ze dat de naam te lang was. In de volksmond waren wij gewoon BTL.
Met Johan als nieuwe zanger lijkt alles bovendien ineens in een stroomversnelling terecht te zijn gekomen. Wat bracht die verandering teweeg binnen de band?
Geert: Die wissel is een beetje symbolisch. Op het moment dat we nadachten over hoe we met onze muziek wilden omgaan en onze muzikale roots opnieuw konden omarmen, merkten we dat Johan met zijn blueskant iets nieuws binnenbracht, een vibe die we vroeger veel minder hadden. Dat klikte meteen. Zo kwamen we ook tot de vereenvoudiging van de groepsnaam en het logo. Op een bepaald moment ga je analyseren wat vroeger goed werkte en wat niet, dat creëert een nieuwe motivatie en enthousiasme. Dat kan ook gevaarlijk zijn: het voelt alsof je naar een hogere versnelling schakelt. Die drive willen we natuurlijk ook aan anderen doorgeven. Ik kan alleen maar zeggen: iedereen, die het hoort, reageert met: "wauw’. We hopen natuurlijk dat veel meer mensen het te horen krijgen.
Jullie bestaan al sinds 1996. Waarin verschilt het BTL van vandaag het meest van de band die jullie toen waren?
Johan: Voordat ik bij Geert kwam zingen, had ik de vorige platen beluisterd. Ik denk dat die albums misschien wat diepgaander en symfonischer waren, maar daardoor ook iets minder toegankelijk voor het gewone publiek. Er zitten meer progressieve invloeden in, interessant voor een nieuwe groep, maar niet overal even warm onthaald. Toch vind ik dat een sterke eigenschap. Op het nieuwe album heb je opnieuw nummers die langzamer groeien, maar ook tracks die er meteen knalhard staan. Die combinatie zorgt voor een plaat waar je naar blijft teruggrijpen en die keer op keer blijft boeien.
Het album klinkt steviger, zelfverzekerder en hechter dan ooit. Hadden jullie dat gevoel ook tijdens het opnameproces?
Johan: We voelden al snel dat er veel repetitiewerk op ons afkwam en dat we samen de nummers aan het schrijven waren. Het is eigenlijk de eerste keer dat Geert iemand naast zich heeft, die ook bereid is om nummers te schrijven. Dat haalde meteen een stuk druk van zijn schouders. Ik denk dat hij daardoor met meer plezier zijn eigen ideeën kon uitwerken, simpelweg omdat hij wist dat er een back-up was. Eigenlijk is het nog beter dan dat. Alle songs, waarbij ik kon samenwerken, kregen altijd net dat beetje extra.
Geert: En natuurlijk - we moeten het niet te hard zeggen, anders loopt hij hier naast zijn schoenen - het voordeel is dat Johan me durft te inspireren. We gooien soms zomaar een ideetje naar elkaar en voor we het weten ligt er een song op tafel. Soms komt hij met iets dat al bijna af is, soms breng ik weer iets nieuws mee. Daardoor zit er ook zoveel variatie in het album: het evenwicht verschilt gewoon van nummer tot nummer.
De band heeft al met verschillende sterke zangers gewerkt. Wat maakt de match met Johan anders dan voordien?
Geert: Goh, het samen kunnen zingen en de slechte humor (lacht). Natuurlijk was er ook de wisselwerking, het over-en-weer spelen met ideeën. Het feit dat we niet meer zo jong zijn, maar nog altijd muziek in ons bloed hebben geeft een bepaalde drive.
Johan: We hebben ons er volledig in gestort, ook al voelde ik soms enige druk. Dat kwam vooral doordat ik niet gewend was aan die constante flow van deadlines en het hele proces. Toch had ik het gevoel dat ik redelijk vrij kon werken en dat hoor je ook terug op de plaat: het is een levendig geheel geworden.
De plaat klinkt klassiek, maar tegelijk fris. Hoe zoeken jullie de balans tussen nostalgische hardrock en een hedendaagse sound?
Geert: Dat is de verdienste van Johan. In zijn eerste analyse gaf hij aan dat de vorige mixen stukken beter konden, ook al werden sommige daarvan uitbesteed. We hebben toen een vertrouwenspersoon ingeschakeld, waar we allebei achter stonden: Bram Van den Berghe, bekend als sessiegitarist bij Helmut Lotti en Niels Destadsbader en van zijn eigen band Bram & Lennart. Bram is een veelzijdige muzikant uit Ninove die ik al jaren ken. Hij heeft destijds nog zijn eerste cd bij mij in de studio opgenomen. Daarnaast is hij ook producer voor tal van muzikanten in uiteenlopende genres, bijvoorbeeld de nieuwste van Wildheart, 'Wild ’N Three'. Zowel Johan als ik voelden meteen dat hij een geweldige vibe kon brengen. Dus hebben we besloten het grootste deel bij hem op te nemen en hem ook te laten producen. Dat klinkt echt fantastisch, helemaal anders dan op alle voorgaande platen. Omdat het producen en mixen nu volledig in handen ligt van één persoon, die buiten BTL staat, krijgt het een vernieuwende en gezonde dynamiek. Wanneer je zelf als muzikant opneemt, durf je nog wel eens opnieuw te beginnen. Op een gegeven moment krijg je ook de nodige afstand. Dat is precies wat dit project zo fris en gebalanceerd maakt.
De band straalt een groot enthousiasme uit. Wat heeft ervoor gezorgd dat het vuur weer zo hard brandt bij BTL?
Johan: Ik denk dat een groot deel daarvan te maken heeft met de vernieuwing en waarschijnlijk ook met mijn kinderlijk enthousiasme. Dat zie ik als een compliment. Ik weet ook niet precies waar het vandaan komt, maar het helpt natuurlijk dat Sjoerd en Michel weer bij ons in de band zitten. Dat werkt als een echte opsteker en geeft een bepaald gevoel van energie en samenhorigheid. Ze zijn allebei eigenlijk studiomuzikanten van topniveau, maar waren een tijd geleden uit de band verdwenen. Daarnaast hebben we nog een oude rot, Luc Van Lierde, erbij gehaald en dat completeert het plaatje. Hij is de lijm die alles bij elkaar houdt.
Wat heeft jullie al die jaren gemotiveerd om te blijven doorgaan als band?
Geert: Koppigheid, pure koppigheid. Vele mensen zien in eerste instantie vooral de lange weg, die we hebben afgelegd, maar een groot deel van ons succes is toch te danken aan die koppigheid en natuurlijk ook aan de pure passie voor muziek. Zonder die passie kun je het niet volhouden en kun je ook geen muziek maken met overgave.
Als jullie één nummer uit 'The Game' zouden mogen uitpikken dat een beetje samenvat, waarvoor BTL staat, welke song is dat dan?
Geert: Het lastige van dit hele verhaal was dat we lang hebben gezocht naar een waardige single. Uiteindelijk hebben we van veel mensen gehoord dat er eigenlijk geen zwak nummer op de plaat staat. In principe zouden dus alle nummers een single kunnen zijn. Ik kies graag voor iets diepers met The Dying Of The Light. Eerlijk gezegd is dit het nummer dat mij het meest aan het hart gaat. In het begin vroegen mensen nog wat het op de plaat deed, want het was toch niet commercieel. A Dream Come True is een nummer dat ik persoonlijk ongelooflijk vind en waarvan de muziek geschreven is door Sjoerd, onze toetsenist samen met Sam Claeys (basist van onder meer Der Klinke en Red Zebra). Ik heb er zanglijnen en tekst op gezet, Johan heeft alles geperfectioneerd. Dat klopte, maar het is wel een prachtig nummer. Daarnaast is er A Little Bit Of Rock’n’Roll een snelle, hapklare blok en voor mij is dat nummer ongelooflijk leuk om te spelen. Ik heb er zelfs een soort AC/DC-style-riff in gezet, die ik al dertig jaar had en nooit eerder kon gebruiken. Het past perfect. Het nummer wordt eind januari de volgende single. We gaan het nummer pushen met reels en acties voor de fans.
Johan is natuurlijk de broer van Helmut Lotti. Wat vond hij van het album?
Johan: Helmut was helemaal verrast dat we al zestigduizend exemplaren van het album hadden verkocht (lacht). Dat vond hij fantastisch. Hij zingt ook werkelijk alles mee van begin tot eind. Mijn broer heeft hier en daar ook nog wat backings gedaan, zeker bij de hoogste tonen waar ik niet bij kon. Hij kwam naar de albumpresentatie en vanaf het podium zag ik hem de songs meezingen. Dat was een geweldig moment. Ik denk echt dat hij grote fan van ons is en daar ben ik enorm trots op. Hij vindt de The Dying Of The Light een erg mooi nummer, ondanks dat er geen traditioneel refrein in zit. Dat vindt hij zelfs een beetje spannend. Hij mag het altijd promoten zodat het nog bekender wordt (lacht).
Alle info vind je op www.btl-band.com.
foto: Reinhold Podevijn
