Feuerschwanz - Fotoreportage
Effenaar, 17 maart 2026
Feuerschwanz is niet echt een doordeweekse band. Met teksten over heldendaden, veldslagen, legendes en mythes brengen deze Duitsers metal waarbij het plezier er van alle kanten afspat. En dat was ook het geval in De Effenaar.
Miracle Of Sound, het project rond Gavin Dunne, begon ooit als een eenmansmissie op het internet, maar stond hier gewoon als volwaardige opener. Dunne gaf eerlijk toe dat hij niet helemaal fit was, maar daar merkte je weinig van. Met een stevig Deceiver werd de zaal wakker geschud om daarna soepel over te schakelen naar meer melodische nummers. Het repertoire, duidelijk gevoed door games, films en series, werkte verrassend goed live. Het publiek pikte het dan ook moeiteloos op, alsof ze al jaren meereisden door zijn muzikale werelden.
Toen doofden de lichten opnieuw en de eerste tonen van Drunken Dragon vulden de zaal. Feuerschwanz trapte af alsof ze iets goed te maken hadden. En ergens voelde dat ook zo: ze stonden in november 2024 ook al in de Effenaar, en dat was toen al een feest. Dit keer ging de knop nog een standje verder. Vanaf het eerste couplet was er al een vuurzee aan vlammenwerpers, die later in de set ook nog werden aangevuld met sparklers.
Van begin af aan zat het tempo er goed in. SGFRD Dragonslayer en Memento Mori volgden elkaar op zonder ruimte te laten om op adem te komen. De band laveerde moeiteloos tussen humor en bombast. Het ene moment stond je te lachen om de licht absurde energie van Knightclub, het volgende zat je midden in de epiek van Bastard Von Asgard.
Wat Feuerschwanz sterk maakt, is dat het nooit alleen maar een gimmick is. Ja, er zat humor in, er waren meezingmomenten en een flinke dosis zelfspot, maar muzikaal stond het gewoon als een huis. Name Der Rose en Ultima Nocte bewezen dat opnieuw: strak, meeslepend en met een publiek dat elk refrein terugkaatste alsof hun leven ervan afhing.
Eén van de sterkste momenten kwam er toen de band de zaal in dook voor een akoestisch gedeelte. Een medley met onder andere Metfest en nogmaals Name Der Rose bracht alles even terug naar intiemere kringen, midden in het publiek. Geen groot podium, geen afstand. Gewoon band en fans door elkaar, zingend alsof het een kampvuur was dat uit de hand was gelopen.
Alsof dat nog niet genoeg was, kreeg het publiek daarna ook nog een drumsolo die overging in They’re Taking The Hobbits To Isengard, het soort moment dat totaal nergens op slaat en toch perfect werkt.

