Jim White Rasverteller

GC De Wildeman, 1 december 2017
Jim White

Jim White is een rasverteller. En hij heeft ook al één en ander meegemaakt. Je zou bijna alleen al voor zijn verhalen naar zijn optredens trekken. Muzikaal had de show in Gemeenschapscentrum De Wildeman zijn momenten.

Die momenten hadden veel te maken met het gezelschap dat hij kreeg van Nicolas Rombouts (actief bij Dez Mona, Guido Belcanto, ...) en Geert Hellings (van Stanton, maar ook in de rangen bij Guido Belcanto,...), die absoluut voor een meerwaarde zorgden op respectievelijk bas en gitaar. Dat was trouwens niet alleen het geval bij de hoofdact, ook voorprogramma Matt Watts profiteerde van hun aanwezigheid.

Maar vooraf speelde Watts – zoals hij zelf zei, bij uitzondering – enkele songs in zijn eentje, waarbij hij zijn gitaar, per vergissing besnaard met de snaren bestemd voor een twaalfsnarige gitaar en dus met de nodige kuren, nu eens met zachtheid, maar evengoed met pit liet spreken. Voor het bluesy Rachel kwamen de twee hoger vernoemde klasbakken er dan bij. Vooral Hellings leefde zich uit, balancerend op één been of bekken trekkend bij zijn solo's. Het was een korte, maar gesmaakte introductie tot het werk van een duidelijk veelzijdig artiest; een introductie ook, die om meer vraagt.

Ook bij Jim White waren de twee een plus. Whites songs plooiden zich mooi open of werden opgetuigd waar nodig. En dan waren er nog de drumloops, die de Amerikaan met zijn voet tevoorschijn toverde. Misschien niet altijd even nodig, maar soms toch wel een mooi extraatje.

White putte voornamelijk uit zijn meest recente langspeler 'Waffles, Triangles And Jesus', een titel waarvan vooral het laatste deel meermaals terugkwam in liedjes en verhalen. Liedjes als Reason To Cry bijvoorbeeld, dat werd voorafgegaan door zijn uiteenzetting hoe hij maar niet kwam tot “speaking in tongues”, hoewel daar in die kerk zo om gebeden werd. Muzikaal was het een mengeling van klassieke country en ambiente sfeermuziek, dat in het daaropvolgende Silver Threads een bijna logisch vervolg kreeg.

White heeft altijd al een boontje gehad voor “traditionele”, Amerikaanse muziek als bluegrass en country, maar voegde daar tot nu toe altijd zelf iets aan toe. Dat eigen toevoegsel lijkt steeds kleiner te worden. Let wel: de liedjes staan er nog, maar hebben niet meer de impact die ze hadden op dat gevierde debuut en een plaat als 'Drill A Hole In That Substrate And Tell Me What You See', waaruit hier Static On The Radio, zij het uiteraard zonder de stem van Aimee Mann, werd gepikt.

Het was dan ook geen wonder dat wij vooral wegsmolten bij de versies van songs als Jailbird en het uit de plaat van Hellwood, zijn samenwerking met “soulbrother” Johnny Dowd, gehaalde A Man Loves His Wife, die alleen al de verplaatsing naar Herent de moeite waard maakten. Wel de moeite en afkomstig van de nieuwe plaat was Ernest T; Bass At Last Finds The Woman Of His Dreams, dat door Hellings van een geweldige solo werd voorzien.

De verhalen over de hond in zijn Brussels appartement en de gevolgen daarvan voor zijn gitaarspel, over de vrouw van Geert, die vastzat in de lift, de kleine stoeltjes in het kantoor van David Byrne, zijn mentale problemen of waarom hij zich op zijn zestigste (“I realized I'm gonna die soon”) nog waagt aan zingen met een falsetto stem, zorgden voor menige, soms wrange glimlach. Het blijft een uniek talent om de mensen te kunnen boeien met zo'n verhalen en Jim White verstaat die kunst als geen ander.

Misschien hadden wij gehoopt op iets meer muzikale opwinding en blijven we daarom achter met een dubbel gevoel, maar zelfs als we dit alles hadden geweten, waren we waarschijnlijk afgezakt naar GC De Wildeman. Want zo vaak krijg je niet (meer) de kans om Jim White aan het werk te zien. En wie hem op 2, 7 of 9 december (respectievelijk in DEStudio voor 'Beat Night', Den Egger te Scherpenheuvel en 4AD te Diksmuide) nog aan het werk kan zien, moet die zeker grijpen.


2 december 2017
Patrick Van Gestel