Our Last Goodbye, an evening without Jeff Buckley
Fall From Grace
Lieselot D\'Hoest
Cactus@MaZ, Brugge — 8 november 2008
Jeff Buckley. Hoewel het melancholische dromersbloed te vroeg in zijn aderen stolde, zal hij ten eeuwigen dage zijn aureool van meesterschap en mysterie met waardigheid dragen. De diepte en draagwijdte van Buckleys muziek lijkt eindeloos, de bron waaruit hij zijn nummers putte is er één van trefzekere bewoordingen en oeverloze maar breekbare intensiteit. Geen wonder dus dat hij weinig harten onberoerd liet. We hadden ons dan ook verwacht aan een muzikale ode aan De Grote Afwezige, aan een avond genieten van zijn muziek vertolkt door bewonderaars, maar niets was minder waar. Zware ontgoocheling werd ons deel.
We willen met alle graagte geloven dat Buckley het leven van de optredende heren volledig overhoop gooide of dat ze hem toch op zijn minst om zijn gitaarspel konden prijzen. Of dit voldoende reden was om – op een enkele uitzondering na - eigen nummers een roze strik om te binden en te verkopen als Tribute to Jeff Buckley: we dachten het niet. Het leek een beetje op stickers verkopen voor het goede doel om dan met de opbrengst te gaan pintelieren.

Zita Swoon leek nochtans vanuit de juiste ingesteldheid te starten. Van Stef Kamil geloven we nog dat hij in Jeff Buckley een verwante ziel herkende. Zita Swoon bracht, naast een eigen nummer, op zijn minst nog het aan Buckley opgedragen Song For A Dead Singer.
De Magdalenazaal was uitverkocht, dat verbaasde onze niks. Dat Stubru het gebeuren live de ether binnenloodste, zat daar wellicht wel voor iets tussen. Dave Peters mocht het geheel aan elkaar praten. De applausjes op commando en de oninteressante vragenrondes deden ons helaas wel erg aan de Soundmixshow denken. Niet meteen iets wat we konden doen stroken met het Buckley-gevoel. Van Dave Peters zijn we spitsvondige interviews gewoon, maar zelfs dat was te veel gevraagd vandaag. Spitsvondige antwoorden hadden we niet eens verwacht. Geen kat die geïnteresseerd was in het feit of Stef Kamil dan wel zijn onderbroeken een lauwwarm sopje aan het geven was, dan wel bij zijn grootmoeder op bezoek was op de dag dat Buckley stierf. Zelfs Peters niet. Die hield over zijn schouder enkel in de gaten of de instrumenten al van eigenaar waren gewisseld.
Wat Lemon precies kwam uitrichten, daar hadden we al helemaal het raden naar. Eigen nummers, niet eens goed gebracht, dus als een fijne egotrip kon het ook niet doorgaan. De link met Jeff Buckley? We hebben hem nog steeds niet gevonden. Twee nummers duurde de strijd en toen werd het gelukkig weer stil. Nog steeds geen Buckley gehoord.
Milow benaderde –alleen met zijn gitaar- misschien nog het meest een oprechte ode. Na Born In The Eighties volgde nog een ingetogen versie van Buckleys –jawel, u hoort het goed- Jewel Box. Driewerf hoera. Dan toch nog een Buckley nummer.
Als afsluiter mocht Steverlinck met zijn Arid nog eens de falsetstem insmeren. Ok, we zijn niet meteen zware fan, maar qua stembereik kon Steverlinck toch makkelijk dezelfde regionen als Buckley halen. Misschien was het ‘not done’ om onder de Arid-noemer een nummer te spelen dat je solo hebt uitgebracht, maar damn, als het nu niet het moment was voor Steverlinck om zich de longen uit het lijf te zingen en Buckley met een cover van het gecoverde Hallelujah een magistraal eerbetoon te geven, wanneer dan wel? Maar nee, in plaats daarvan werden At The Close Of Every Day en Life - in een op zich niet eens slechte versie- nog maar eens uit de kast gehaald.
Na het uur officiële uitzending mocht Milow nog zijn radiohitjes de revue laten passeren maar daarmee was de kous af: ‘spots uit, licht aan’. Waar waren de eigen interpretaties van Buckleys werk? Waar de wellicht interessante kruisbestuivingen tussen de verschillende bands? Het had - mits er een beetje inspanning gedaan werd - zo’n geïnspireerde en inspirerende set kunnen worden maar het bleef bij een misplaatste en goedkope marketingstunt om het eigen werk even een promotionele boost te geven. Lijkenpikkerij? Jammer dat het organiserend en optredend collectief zich voor dit soort kar liet spannen. Voor één keer waren we bijna dankbaar dat Buckley het niet meer moest meemaken.
